TulipMed prijs toegekend aan Dionne Noordhof

STW-onderzoeker Dionne Noordhof won tijdens het jaarcongres van de Vereniging voor Sportgeneeskunde de TulipMed Prijs voor Sportgeneeskunde 2014. In haar proefschrift ‘Gross Efficiency in Cyclic Sports – The Underlying Assumptions Investigated’ onderzocht zij welke factoren van invloed zijn op de prestaties van wielrenners en schaatsers.

Met de TulipMed Prijs wil de vereniging wetenschappelijk onderzoek op het gebied van de sportgeneeskunde in de ruimste zin bevorderen. De op 27 november uitgereikte prijs bestaat uit twee delen: een geldprijs van 500 euro voor het beste wetenschappelijke artikel en een geldprijs van 2750 euro voor het beste proefschrift, beide vrij te besteden.

Noordhof gebruikte in haar proefschrift een zogeheten vermogensbalansmodel om prestaties in de wieler- en schaatssport beter te kunnen begrijpen. In dat model is ‘efficiëntie’ een belangrijke prestatiebepalende factor. De efficiëntie is de mate waarin een atleet energie, vrijgemaakt uit de verbranding van voedingsstoffen in het lichaam, omzet in voorwaartse snelheid. Maar hoe bepalen we de efficiëntie nauwkeurig tijdens fietsen en schaatsen? En wat is de invloed van verschillende factoren, zoals vermoeidheid, het dag-en-nacht ritme van de atleet en de hoogte boven zeeniveau waarop gepresteerd wordt?

Noordhof kwam tot vier aanbevelingen.

  1. Wat betreft efficiëntie hoeven atleten hun dag-en-nachtritme niet te verschuiven voor belangrijke sportevenementen, aangezien de efficiëntie redelijk constant blijft over de dag.
  2. Bij presteren op grote hoogte moeten sporters rekening houden met een lagere efficiëntie op een (voor hoogte gecorrigeerde) gelijke intensiteit. De efficiëntie blijkt namelijk gemiddeld 21,4% op zeeniveau en 20,7% op 1500 meter hoogte. Het zou kunnen dat hoogteacclimatisatie – het gedurende enkele dagen tot weken verblijven op hoogte – het negatieve effect van plotselinge hoogte op de efficiëntie vermindert. Ondanks deze lagere efficiëntie presteren schaatsers op grote hoogte, zoals in Salt Lake City of Calgary, bij korte en middellange afstanden toch beter dan op zeeniveau. Dat is te danken aan de lagere luchtweerstand op grote hoogte.
  3. Er is aangetoond dat zowel de fietsefficiëntie als de effectiviteit van de afzet tijdens het schaatsen verslechteren gedurende hoog-intensieve inspanning. Door training bewerkstelligde veranderingen in wedstrijdstrategie en -techniek kunnen mogelijk invloed hebben op de afname in efficiëntie.
  4. Coaches en hun atleten krijgen het advies om aandacht te besteden aan het schaatsen met een kleine en constante effectiviteit van de afzet. De in het proefschrift beschreven 2D-bewegingsregistratiemethode is voor dit doel bruikbaar.

Het proefschrift van Noordhof kwam tot stand door een samenwerking van het MOVE Research Institute Amsterdam (Faculteit der Bewegingswetenschappen, Vrije Universiteit Amsterdam), KNSB, NOC*NSF en InnosportNL. Noordhof werkt momenteel op het STW-project ‘Trainingsstrategieën voor een optimaal piek- en duurvermogen van schaatsers en roeiers’.

Meer informatie:

Bekijk het project Trainingsstrategieën voor optimaal piek- en duurvermogen van schaatsers en roeiers

Be first to comment